dinsdag 21 mei 2013

Romanisation of Africa


Na de dood van Carthago.

Niet alleen Carthago werd verwoest, maar volgens Strabo (XVII 3,16) ook de steden Neferis, Tunis, Neapolis en Clupea. Daarentegen krijgen de steden Utica, Theudalis, Uzalis, Thapsus, Acholla, Leptimus en Hadrumetum de status van CIVITATES LIBERAE ET IMMUNES, omdat zij zich vanaf het begin met Rome hebben verbonden. De meeste bewoners van Carthago zijn als slaaf verkocht. De bevolking van de 300 dorpen, die Carthago nog had, is op de vlucht geslagen dieper het binnenland in. Het gevolg is, dat het platteland direct rond het voormalige Carthago er verlaten bij ligt. De tuinen worden niet meer onderhouden en het land wordt niet meer verbouwd. Er treedt in 124 v.C. zelfs een sprinkhanenplaag op en een pestepidemie (Orosius V).  Het voormalige Carthaagse land van granen, olijven, vruchten en vee werd dus na 146 v.C. goeddeels braakliggend en tenslotte gaan de Romeinen het gebruiken als grootschalig graanbouwland. Alleen de 7 ‘vrije’steden behouden nog hun tuinbouwcultuur.

Pomponius Mela schrijft in boek I, 41:

Dus de kustregio’s worden bewoond door landbouwers, wier gewoonten niet erg verschillen van de onze, behalve, dat een aantal van hen van ons verschillen in taal en cultus. Want zij houden hun oude goden en aanbidden hen op de oude manier. De  mensen achter in het binnenland hebben geen steden, maar hebben behuizingen, die zij ‘mapalia’noemen. Hun leven is hard en zij hebben geen comfort…………. De mensen verder in het binnenland zijn nog minder beschaafd en zij trekken rond met hun kudden ………..

Pomponius Mela beschrijft in feite achtereenvolgens de Punische steden, de Libyërs en de Numidiërs.

Na de ondergang van Carthago gaat er veel veranderen in dit eenvoudige beeld. In de Bagrada vallei vestigen zich Italische kolonisten. De plattelandsbevolking, die in heuveldorpen leeft, geraakt steeds meer gepuniseerd. De civitates in het binnenland. Zoals Thignica, Numluli, Avensis, Thibans, Thugga, Agbia, Uchi Maius, Thimide Bure, Tigibba Bure en Thubursicum Bure bezitten een Punische en Libysche vorm van spraak, organisatie en aanbidding der oude goden. De gevluchte Carthagers brengen actieve Punische instituties naar de bergen in het centraal massief bij Mactar. In feite ontstaan er 2 soorten dubbele gemeenschappen: die van de Romeinen/Latijnen en die van de Puniërs/Libyërs.

Deze gemeenschappen hebben geen plichten tegenover elkaar en pas na eeuwen zullen die meer in elkaar opgaan. De Romeinse landgoederen hadden slechts een beperkte romanisatie tot gevolg. De manieren en gewoonten van de massa verandert niet of nauwelijks. Juist nu spreidt de Punische taal zich uit over het platteland en blijft de taal van het gewone volk. Het gewone volk aanbidt nog steeds, zij het onder andere Romeinse namen, dezelfde oude goden en ook op de oude manier, totdat pas na eeuwen het Christendom kwam, een andere godsdienst, maar wel een Semietische! De op den duur uitbrekende strijd tussen Katholieken en Donatisten markeert een inheemse ‘revival’. De Romeinen pasten zich aan Afrika aan. Zij gaven het vrede en welvaart, maar Afrika werd nooit echt Romeins, afgezien van de verstedelijking en de architectuur.

3.13.The Romanization   T.R.S.Broughton  
         of Africa Proconsularis               Greenwood Press Publ./NY 1968

ncfps

See for more information and in the English language:

 


 


Geen opmerkingen:

Een reactie posten