donderdag 18 juli 2013

talen


Een taalcolloquium.

Van 8-10 april 1974  werd in Keulen een colloquium over de talen gehouden ten tijde van de Romeinse keizertijd. Voor wat betreft de Fenicische en de Punische taal werd o.a. het volgende gememoreerd:

 In de steden Byblos, Sidon en Tyros bleef het inheemse Fenicisch tot in de 1e eeuw v.C zeker aanwezig.

 In Sidon worden in 66/67 na Chr. nog Fenicische legenden genoemd.

 In het nieuwe testament van Marcus komt een Kanaanietische vrouw voor, die Grieks spreekt, maar geboorte Syrisch was. Zij woonde in het gebied tussen Tyros en Sidon.

 Apuleius schrijft in de 1e eeuw na Chr.over iemand, die alleen Punisch kent en maar een paar woorden Grieks.

 In Sardinië komen we nog een triliguaal tegen vanuit de 1e helft van de 2e eeuw na Chr met een wijding aan Ešmoen.

 In Afrika komt nog het Punisch voor t.t.v.Juba I en Bocchus de jongere. Juba II gebruikte nog Punische boeken. Het Neopunisch komt vooral voor te Leptis Magna en Mogador. In Tripolitanië is nog een opschrift in het Punisch gevonden vanuit 15-27 na Chr.

St.Augustinus meldt, dat een aanzienlijk deel van de bevolking nog Punisch spreekt. In El-Hofra komen we de getuigenis van een Kanaaniet tegen: Abdešmoen, zoon van Madar, man van Kanaan.

 Arnobius de jongere heeft in 460 na Chr. over een Punische taal in het gebied van de Garamanten in een psalmencommentaar.

 In Italië bevat de “Palimpset” van Ambrosiana in de 4e-5e eeuw na Chr. nog van Punische woorden afgeleide teksten. Er zou zelfs in de 10e eeuw na Chr. nog een handschriftengroep aanwezig zijn geweest.

 

 

26.4 Die Sprachen im Römischen               Kolloquium 8‑10 april 1974

         Reich der Kaiserzeit                           Koln 1980 Rheinland Verlag

     ‑Minderheiten und     I.Kajanto

      ihre Sprache in der

      Hauptstadt Rom

     ‑Lybien von der       O.Rössler

      Cyrenaïca bis zur

      Mauretania Tingitana

     ‑Das Punische im      W.Röllig

      Römischen Reich

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten