Geografisch determinisme?
De vaak beweerde geografische afgezonderdheid van de
Fenicische kust, die zijn bewoners vruchtbare contacten met de Oriënt
bemoeilijkt en hen tot de zeevaart gedwongen zou hebben, berust op schijn. Al
sinds het einde van het 4e millennium v.C speelde zich over de
zeevaartroutes langs de kusten een levendig handelsverkeer af, dat Egypte,
Anatolië en het Tweestromenland met elkaar verbond.
Het zou wel een wonder zijn geweest, als de
Feniciërs hun ‘roeping’ als volk van handelaren toen niet ontdekt hadden.
Een overwaardering van de invloed van leefsferen,
als voornaamste oorzaak van de zogenaamde mediterrane geroepenheid van de
Feniciërs, waardoor zij zich van de andere, naar Mesopotamië neigende volkeren
van de oude Oriënt afgezonderd zouden hebben, heeft er vaak toe geleid, dat de
Fenicische wereld als een besloten randgebied werd beschouwd.
De zogenaamde mediterrane geroepenheid van de
Feniciërs was door de Assyrische overheersing veeleer de ultima ratio, een laatste overlevingskans, dan drang naar expansie.
De Fenicische kooplieden kozen gedwongen voor de logische opening naar het
westen.
19.2 Fenicië S.Mazzoni in: De Assyrische wereld
en
haar randgebieden,
Geen opmerkingen:
Een reactie posten