Berichten uit de eerste hand.
In Egypte zijn talloze tabletten (350) aan het
daglicht gekomen in de Tell el-Amarna. Deze geven inzicht in de
correspondentie, die gevoerd werd tussen veelal de vorsten van Azië met de
farao’s van Egypte. We hebben het over de 14e eeuw v.C. Het is de
tijd van Amenophis III en IV en Toetanchamon. De Hettieten dringen op naar het
zuiden. De Amurru dringen op naar de zeekust in Kanaan. De vazalkoningen van de
farao zijn in steeds groter gevaar en sturen smeekbedes naar de farao om in te
grijpen. De Amarnabrieven zijn nog niet geschreven in een alfabetisch schrift,
alhoewel er in die tijd al druk aan werd gesleuteld. In die tijd was echter het Akkadisch nog de
diplomatieke taal en hier bedienen zich o.a.van:
Rib-Addi van Byblos (Gubla), Ammunira van Beiroet
(Beruta), Zimrida van Sidon (Siduna), Abimilki van Tyrus, Satatna van Akko.
23.3 The Tell El‑Amarna J.Knudtzon
Tablets
O.A:Amenophis III +IV,
koning van Alasia,
Subbiluliuma, Abd‑Asirta,
Rib‑Addi, Irqata, Gubla
Geen opmerkingen:
Een reactie posten