Circumcellionen tegen Rome.
Op 8 augustus 1980 publiceert Th.de Vries een
krantenartikel in Intermediair over Sint Augustinus met o,a, deaardige
uitspraken:
-
Carthago was niet kapot te krijgen
-
De Punische-Semietische eigenaardigheden leefden voort
-
Het was tegelijk de graanschuur van Rome, dat de door de Carthagers al
hoog ontwikkelde landbouw zorgvuldig had overgenomen
-
Ook waar de oude Punische stamgoden Romeinse namen en gewaden kregen ….
-
Maar de god met het sterkste Punische karakter bleef toch de oude
hemelgod Baal Hammon
-
Zijn hoge verering als oppergod was een elementaire vorm van
monotheïsme, waardoor het Chridtelijke eengodendom gemakkelijker ingang vond
bij de Noordafrikaanse bevolking
-
De Donatistische kerk met haar principes van zuiverheid, ascese en
maagdelijkheid, ontwikkelde een toenemend radicalisme
-
Binnen de Donatisten ontstaat de stroming van de Circumcellionen:
ontrechten en fanatiekelingen
-
Circumcellionen = scheldwoord => rondstruiners, loslopend volk
-
Circumcellionen noemen zichzelf echter: ‘strijders van God”.
-
Leiders van de Circumcellionen in 340: Axido en Fasir
-
Leiders van de Circumcellionen in 370-380: Firmus en Gildo uit
Mauretanië
-
De Arriaanse Vandalen vervolgen zowel de Katholieken als de Donatisten
-
St.Augustines trekt van leer tegen de ketters, maar sterft in 430
tijdens het beleg van Hippo Regius door de Vandalen
55.10 St.Augustinus als ketterjager Th de Vries
Geen opmerkingen:
Een reactie posten