Sidon meer uitgebreid.
In Genesis X 15-18 lezen we:
Kanaän werd de
vader van Sidon, zijn eerstgeborene, en Heth en de Jebusieten, de Amorieten, de
Girgashieten, de Hivieten, de Arkieten, de Sinieten, de Arvadieten, de
Zemanieten en de Hamathieten. Daarna verspreiden zich de families van de Kanaänieten.
Voor het eerst komt Sidon echter tastbaar naar voren
in de El-Amarna brieven, waarin de koning Zimrida van Sidon wordt genoemd. Via
de bibliotheek weten we, dat er een legende was, waarin Keret, de koning van de
Sidoniërs, een rol speelde. Een van de oudste Fenicische inscripties vinden we
terug op een speerpunt: Speer van
Gerbaäl, de Sidoniër.
Sidon is samen met Tyrus vooral verantwoordelijk
voor de gigantische expansie van de Feniciërs over de Middellandse zee en
daarbuiten. Lange tijd kan de stad het op een akkoord gooien met de steeds
terug komende Assyriërs, totdat het uiteindelijk een Assyrische provincie
wordt. Abdi-Milkutti waagt het om in de 7e eeuw v.C. in opstand te
komen en wordt verslagen door Esarhaddon, die Sidon hernoemd als Kar-Esarhaddon.
In dezelfde 7e eeuw v.C. heeft Sidon op een of andere manier
contacten met Zuid-West Arabië. Vrouwen uit Sidon doen daar in een tempel
dienst. In 1929 na Chr. zijn namelijk inscripties gepubliceerd door J.Halévy in
Répertoire d’épigraphie sémitique (nr.2773), welke gevonden zijn in el-Mihyar
te Yemen op korte afstand van de stad Ma‘în.
Na de Assyriërs kwamen de Nieuw-Babyloniërs en hen
weer de Perzen. Aan de Perzen werd een groot eskader geleverd in hun strijd
tegen de Grieken. Lange tijd schikt de stad zich in de aan de grotere rijken
onderhorige positie, totdat koning Tennes de kracht van zijn stad en leger(tje)
onderschat. Artaxerxes van de Perzen verwoest de stad met zijn 50.000 inwoners
uitermate grondig. Toch herstelt de stad zich weer. Alexander de Grote wordt
loyaal binnengehaald en ook in de Hellenistische tijd volgt nog een opbloei,
totdat een aardeving 2/3 deel van Sidon wegvaagde. O.a.Poseidonius (ca.100 v.C)
rept daarover.
De godenwereld van Sidon bestaat vooral uit Aštarte
en Ešmoen. Ze hebben hun tempels liggen aan de monding van de Bostrenus.
Volgens Poseidonius zou de Sidoniër Mochus (geboren
nog voor de tijd van Troje) een theorie over atomen hebben ontwikkeld.
Overigens worden de Feniciërs veelal ook Sidoniërs genoemd, zodat een stricte
scheiding van bewoner van Sidon en Sidoniër in het algemeen moeilijk te maken
valt.
De koningen van Sidon zijn:
Zimrida ca.1370-1355
v.C.
Phaedimus? 10e-9e
eeuw v.C? > zie:Odysseus XV 118-119
Luli
(Elulaeus) ca.715-701
v.C.
Ethbaäl
(Tuba‘lu) ca.701
v.C.
Abdimilkutti ca.678 v.C.
Eshmunazar
I ca.550 v.C.
Tabnit ca.500 v.C.
Eshmunazar
II 5e
eeuw v.C.
Bodashtart 5e
eeuw v.C.
Sedek-yathon/Yatanmilk 5e eeuw v.C.
Tetramnestus 5e
eeuw v.C.
Baälshillem ca.445 v.C.
‘Abdamon ca.440 v.C.
Baäna ca.430
v.C.
Baälshillem
II ca.420 v.C.
Straton
I 374-362
v.C.
Tennes 362-351 v.C.
Straton
II 344-322
v.C.
Abdalonymus 322-? v.C.
Philocles 2e
eeuw v.C?
In 1829 en 1852 na Chr. worden er duizenden gouden
munten gevonden, die helaas voor een deel omgesmolten werden door de lokale
bevolking.
In 1855 na Chr. wordt de sarcofaag van Eshmunazar
gevonden. E.Renan houdt in 1864 na Chr. een grote verkenningstocht door o.a. de
Libanon en vindt diverse anthropoïde sarcofagen. In 1887 komen er sarcofagen
aan het daglicht te Ayaa, een buitenwijk van Sidon. Bijzonder groot is de
teruggevonden necropool van Magharat Abloun (grot van Apollo), maar ook
bijzonder groot zijn de activiteiten van schatrovers geweest.
9.1.Sidon N.Jidejian Beiroet/Dar el Mackreq
Publishers
Geen opmerkingen:
Een reactie posten